Festivals, Recensies 0

Best Kept Secret Festival 2016 – Zaterdag

Van high tot Low

 

Black Box Revelation

Aangezien half Vlaanderen in Hilvarenbeek stond, is het programmeren van een Belgische band tijdens Belgisch voetbal (overigens, waarom waren die Belgen zo depressief na de 3-0? Of hadden ze niet begrepen dat zij het waren die hadden gewonnen?) natuurlijk een top-idee. Ruimte zat dus, tijdens Black Box Revelation. Zanger Jan Paternoster had allicht ook liever voetbal gekeken, en van lieverlee maar een voetbalshirt aangetrokken.

Omdat je als duo toch maar een beperkte reikwijdte hebt, hebben de heren besloten om op hun laatste album (Highway Cruiser) The Gospel Queens uit te nodigen, voor het ontbrekende stukje soul. Nu hebben we niets tegen achtergrondzangeressen (ze hebben tenslotte al menig teloorgaand zanger of zangeres gered), maar de keuze voor deze toevoeging aan een vuige band als BBR is volkomen onduidelijk. ‘War Horse’ klinkt toch een stuk beter met alleen maar gitaren en Paternosters oude-mannen-stem? En waar haalt hij het vandaan dat “wij allemaal ‘Live Forever’ willen horen?” Evenzo rijst de vraag waarom ‘Highway Cruiser’ een “persoonlijk favoriet” is. De wolken waren werkelijk interessanter. Een bijzonder magere set van een band die al anders heeft laten zien, zelfs het oude, ruige en vuige, werk als afsluiting heeft de boel niet kunnen redden. Misschien dat daarom al die Belgische blikken op onweer stonden.

Blossoms

Gelukkig staan er ook nog bands die niet op de eerste iPod van het gemiddelde publiek heeft gestaan. Blossoms, since 2013, heeft met ‘Charlemagne’ een giga-hit gescoord en wordt dientengevolge in een moeite op stage Two getorpedeerd. Ze lijken er zelf nog wat ontdaan van, de jongetjes uit een dorpje in de buurt van Manchester. Echt overtuigen doen ze niet, hier. Te jong, te onzeker, te veel jatwerk, te veel grijze skinny, te veel haargordijnen. Alsof we terug zijn in 2009. Nu hebben we ook al enige tijd niet meer echt goede Britpop gehoord, dus het is niet onbegrijpelijk dat een niet onaardig bandje als Blossoms hoopvol naar voren wordt geschoven. Slecht is het namelijk alleszins niet, de synthesizer werkt zelfs bijzonder goed en de liedjes zijn soms zelfs te psychedelisch om als achtergrondmuziek voor de Sunday tea te dienen. Maar hun publieksinteractie blijft beperkt tot een tenenkrommend cliché “you’re a wonderful audience” en een blijvende indruk maken doen ze niet. Onder je huid kruipen zoals overduidelijk idool Arctic Monkeys dat ooit deed, al helemaal niet. Blijven oefenen jongens!

Glass Animals

Omnomnom. Dat is een beetje het algemene gevoel dat we hadden bij Glass Animals. Strakke beats, goede grooves, een overdonderende energie… deze Oxfordiaanse band heeft duidelijk in de boeken gelezen hoe je een publiek moet overtuigen. En dan te bedenken dat het pas twee jaar geleden is dat ze met ‘Zaba’ de hitlijsten bestormden. In augustus dit jaar zal de tweede plaat, ‘How to be a Human Being’ uitkomen, maar het publiek is alvast getrakteerd op een zalig voorproefje. ‘Een bekpestertje’, zoals een van onzer moeders vroeger nog wel eens wilde zeggen, voor iets wat onvoorstelbaar lekker is maar te weinig om er verzadigd van te raken. Dat is exact wat Glass Animals hier heeft gedaan. Zowel de dromerige liedjes als degene met meer beat zijn onvoorstelbaar goed gebracht. Tel daarbij op dat zanger Dave Bayley op zijn witte sportsokken (hoe Brits kun je zijn?) in de dampende modder tussen het publiek sprong en je kunt je voorstellen waarom al die meisjes en jongetjes met blozende wangetjes het veld weer verlieten. Er zal een tijd komen dat men denkt dat Kanye West hun ‘Love Lockdown’ heeft gecovered in plaats van andersom. “I’m so happy”, zingt Bayley. Wij ook, Dave, wij ook. Wat een topband.

Remy van Kesteren

Je kunt het je zo voorstellen, hoe Remy zich voorstelt. “Goedendag, Remy van Kesteren, harpist.” Dit muzikale wonder was slechts 10 jaar oud toen hij zich mocht aanmelden op het Utrechts conservatorium en heeft inmiddels al behoorlijk wat prestigieuze prijzen gewonnen.

We waren te laat om nog vooraan in de volkomen volgepakte Three te staan en kunnen ons alleen maar voorstellen hoe het kippenvel, dat al aanwezig was in de achterste regionen, tot nieuwe hoogten steeg. Wat een begenadigd muzikant. Alsof hij met zijn harp de sprookjes van Duizend-en-één-nacht integraal vertolkt. “Dat moet ik toch maar eens zien te downloaden”, werd toch een vaak gehoorde zin tijdens zijn voorstelling van zijn nieuwe plaat ‘Tomorrow Eyes’. Het feit dat Van Kesteren een harpist is, kon ook op veel ongeloof rekenen. Alsof het een uitstervend ras betreft. Maar eerlijk is eerlijk, muzikanten van dit kaliber zijn ook een uitstervend ras. Je hebt er niet eens rood pluche in een stadsschouwburg voor nodig om hiervan te genieten. Fantastisch.

Air

Een puberaal jongetje tijdens de les Oud-Nederlandse grammatica is er niets bij. Verveling. Dat is het enige wat de Franse softpopband Air weet over te brengen. Wat een onvoorstelbaar inspiratieloos optreden. Adagium: one for the money, two for the money, three for the money. Liedjes als ‘Sexy Boy’ en ‘Kelly Watch the Stars’ die zeven jaar geleden (want dat is wanneer hun laatste album uit de persen gleed) nog als de ultieme seksmuziek gezien konden worden, kunnen nu op zijn hoogst ingezet worden als slaapliedje voor egels die al in winterslaap zijn. Het non-interactieve dat 10 jaar geleden nog als enige vorm van coolheid geïnterpreteerd kon worden, getuigt nu enkel van een desinteresse die met geen pen te beschrijven valt. Niet verwonderlijk dus dat een groot deel van het publiek met hun rug naar het podium stond.

Destroyer

Op basis van de naam verwacht je minstens een metalband, maar niets is minder waar. Destroyer is het tot band uitgegroeide soloproject van Dan Bejar, en laat zich herkennen door een warme muur aan blazers en toetsen. Het laat zich ook herkennen door de mensenschuwe zanger (yup, een contradictio in terminis). Ofwel zijn ogen dicht, ofwel op zijn knieën friemelend aan blikjes bier of god-weet-wat, maar alleszins zo min mogelijk het publiek inkijkend. Maar ach, de muziek is van een zo parelende kwaliteit dat het allemaal niets geeft. Zijn poëtische teksten worden perfect gedragen door zijn volle, warme stem en de band vult met verve de hiaten van zijn gebrekkige performance-capaciteiten in. Een perfect geoliede machine, zonder dat het ergens glad of gelikt wordt. Meer van zulks!

Low

Sommige bands horen, hoe goed ze ook zijn, misschien niet helemaal thuis op een festival. Zo ook Low. Aan hun kwaliteit ligt het niet: de muzikanten spelen de set foutloos en de muziek is zoals altijd prachtig. Maar het tempo loopt niet gelijk met dat van het publiek. Waarom de toeschouwers dan niet vertrekken naar Editors, de band die tegelijkertijd op het hoofdpodium speelt (en er was vuurwerk! Jawel! Vuurwerk!) is ons een raadsel. Tijdens Low heerst de typisch Nederlandse concertziekte: door het geblaat van de mensen naast ons over modder, regen en friet is het moeilijk om iets van de, toegegeven té ingetogen, set mee te krijgen. Low hoort thuis in een kleinschalig poppodium, met mensen op stoeltjes die zacht en bedeesd klappen aan het einde van een nummer. Omdat alliteraties zo ondergewaardeerd worden: miserabel mooi maar misplaatst.

De zaterdag kende hoogtepunten in Glass Animals, Remy van Kesteren en Destroyer, misplaatsing in Low, dieptepunten in Black Box Revelation en Grote Middelmatigheid in Blossoms, maar al met al was dit een bijzonder geslaagde én gelaagde dag. We kruipen niet al te laat en met een nat pak in ons hondenhok, maar doen dit met grote tevredenheid.

Benieuwd naar de overige indrukken van Best Kept Secret, lees dan snel de review van dag 1 en dag 3.

© Annelies Omvlee | All Rights Reserved

 

 

 

friendly_fire_sm

Friendly Fire

annelies

Annelies Omvlee Recensent

irwan_notosoetaro

Irwan Notosoetaro Fotograaf

No Comments

Leave a reply